zaterdag 12 januari 2008

Strategie met model

Om beter te presteren dan de markt, kan de belegger gebruikmaken van een model. Een raamwerk waar hij zich aan vast kan houden. IJzeren discipline is een vereiste. Bij winst maar ook bij verlies.

Met stockpicking valt veel geld te verdienen. Tenminste, als de juiste keuze wordt gemaakt. Neem de jaarlijks door het actualiteitenprogramma Nova gepeilde analisten. Zij werden ruim verslagen door de keuze van dolfijnen in Harderwijk. Terwijl de vijf door deskundigen geselecteerde aandelen over 2007 een negatief rendement kenden van circa 10%, boekten de dolfijnen over dezelfde periode een winst van 27%. Daarmee is direct het grote nadeel van stockpicking te verklaren: pakken de keuzes goed uit dan kan de index met gemak worden verslagen. Wie vorig jaar ABN Amro, TomTom en ArcelorMittal had gekozen, heeft een goed jaar achter de rug. Maar wie Corporate Express, Fortis en Randstad als favoriete ‘picks’ had, heeft een slecht beursjaar achter de rug. Beleggen met een model biedt een oplossing. Een houvast in goede en slechte jaren, met als doel de markt op de lange termijn te verslaan.

Beleggingsmodellen zijn er in verschillende soorten en maten. Zo kan de koerswinstverhouding van een aandeel de basis zijn, de winstverwachting van het bedrijf, maar ook technische en fundamentele analyse hebben in sommige fondsen een belangrijke rol. Ook zijn er fondsen die verschillende factoren combineren om tot een keuze te komen.

Een van de simpelste beleggingsmodellen is het volgen van de index. Een fonds gebaseerd op dit model neemt de weging van bijvoorbeeld de Amsterdamse AEX en neemt deze één op één over. Weegt bank-verzekeraar Fortis 10% in de AEX-index, dan wordt het aandeel ook voor 10% opgenomen in het beleggingsfonds. Simpel en overzichtelijk, maar de markt wordt niet geklopt. Een slecht jaar voor de index betekent ook een slecht jaar voor het betreffende beleggingsfonds. Indexbeleggen heeft als groot nadeel dat een bedrijf dat het goed heeft gedaan zwaarder gaat wegen en andersom, zegt Joost de Graaf, senior portefeuillebeheerder van Kempen Capital Management. ‘Daardoor loop je als belegger eigenlijk altijd achter de feiten aan.’

Dividend als houvast
Voor de portefeuillebeheerders van het Orange Global High Dividend Fund en Orange European High Dividend Fund van Kempen is dividend het model waarmee wordt gewerkt. ‘Er is veel onderzoek gedaan naar de correlatie tussen de uitkering van dividend en de prestaties op de lange termijn. Daaruit blijkt dat bedrijven die veel dividend uitkeren het beter doen dan de markt in zijn geheel’, legt De Graaf uit. Het model waarmee de beheerder van Kempen werkt is relatief simpel. Aandelen uit Europa die voor de portefeuille in aanmerking komen, moeten minimaal 2,5% dividend uitkeren. Wereldwijd is de norm 3,3%. Alleen de uitkering van het dividend is niet voldoende om tot een aankoop- of verkoopbeslissing te komen. De winst van het bedrijf moet niet zijn gedaald en het dividend moet worden uitgekeerd uit de winst. Daarnaast moet het dividend ‘veilig’ zijn: ook in de toekomst moet er dividend worden uitgekeerd. De Kempen-beheerder gaat vervolgens over tot fundamenteel onderzoek en bezoekt de bedrijven om na te gaan of het aandeel ‘een toegevoegde waarde’ heeft voor de portefeuille. Is dat het geval, dan wordt het aandeel aangekocht. In het fonds van De Graaf krijgen alle aandelen een weging van 1,5%. Ook sectoren worden zo veel mogelijk gelijk gewogen. ‘Dit levert veel voordelen op voor het risicoperspectief en de portefeuille krijgt een goede spreiding. Het afgelopen jaar had je niet voor 40% in banken en verzekeraars willen zitten.’

Beleggen volgens een model biedt volgens De Graaf een raamwerk dat de belegger tegen zichzelf beschermt. De regels moeten dan ook in acht worden genomen, in goede en in slechte tijden. ‘Als een belegger het goed doet, is hij geneigd om zijn emoties te volgen, de regels te vergeten en meer risico’s te nemen.’ Ondanks dat De Graaf stelt dat dit model op de lange termijn de markt verslaat, durft hij geen garanties te geven dat het model jaar in jaar uit het beter doet dan de markt. ‘In de tijd van de internet- en IT-bubbel deed de markt 35% en een dividendstrategie 10%. Het valt ook niet mee om gedisciplineerd het model te volgen: ‘Zeker als geld wordt verloren, is het lastig om je koers vast te houden. Als een portefeuillebeheerder twee jaar achter elkaar minder presteert dan de markt, neemt de druk toe en krijg je vragen of het model wel werkt.’

Tunneldenken
De portefeuillebeheerders van het Aegon Europees Obligatiefonds werken volgens een zogeheten kwadrantenmodel. Om obligaties te kopen of verkopen gebruiken de beheerders vier verschillende invalshoeken om tot een beslissing te komen: de macro-economische ontwikkelingen, de waardering van de obligatie, technische analyse en het marktsentiment. Deze kwalitatieve en kwantitatieve invalshoeken worden in dit model in principe even zwaar gewogen. Elk onderdeel krijgt een cijfer van -2 tot +2, waarna er voor het gehele model een cijfer uit de bus komt rollen dat kan variëren van -8 tot +8. ‘Als de vier scores elkaar versterken, nemen we een positie in. Dit kan dus betekenen dat wij een positie innemen ten opzichte van de benchmark’, aldus Erik Leseman, portefeuillebeheerder bij Aegon Asset Management. Dit betekent dat bij een score van bijvoorbeeld +2 een positie wordt ingenomen. Geeft het model een cijfer aan van +3 of +4, dan wordt de positie verder uitgebreid. Bij een score in de min wordt omgekeerd een positie juist afgebouwd of in het geheel verkocht. ‘Een dergelijk model voorkomt tunneldenken’, zegt Leseman. ‘We worden op deze manier gedwongen om op vier verschillende manieren naar de markt te kijken en een balans te vinden tussen een wiskundige aanpak en marktgevoel.’ Het model dat Aegon toepast wordt minimaal twee keer per maand gedraaid of vaker als de markt daarom vraagt.

‘Vorig jaar hebben we met grote regelmaat gezien dat het sentiment snel omsloeg. Het is dan nodig om het model vaker te draaien.’ Aegon past het kwadrantenmodel toe sinds het midden van de jaren negentig. Niet voor niets, want op deze manier beleggen heeft een flink aantal voordelen. ‘Voor die tijd waren beleggingsbeslissingen minder transparant en minder goed controleerbaar. In het verleden werd een kwalitatieve onderbouwing geschreven, terwijl we onze beslissingen nu veel beter kunnen kwantificeren naar onze klanten toe, maar ook naar ons eigen management.’

Hoe goed Leseman zijn model ook vindt, het is niet geschikt voor een volatiele markt zoals we die in de laatste beursmaanden hebben gezien. De portefeuillebeheerder ziet dit niet als een nadeel. ‘Wij zijn bij het Aegon Europees Obligatiefonds geen daghandelaren. Het gaat ons om de resultaten op lange termijn.’

Buy & Hold
Beleggingsstrategie waarbij de belegger zeer weinig handelingen verricht. De belegger selecteert fondsen die voor een lange tijd, soms tientallen jaren, in de portefeuille worden aangehouden. Een van de bekendste beleggers die deze strategie hanteren is Warren Buffett met zijn fonds Berkshire Hathaway.

Magic Formula
Met deze beleggingsstrategie, die is ontwikkeld door Joal Greenblatt, moeten ‘goede ondernemingen’ tegen een ‘lage prijs’ worden gekocht. De goede ondernemingen worden gekocht op basis van de netto return on capital employed op basis van de koers-winstverhouding. Door beide gegevens op een bepaalde manier te combineren, worden de meest kansrijke aandelen geselecteerd.

Technische analyse
Een beleggingstechniek die historische marktbewegingen bestudeert om op die manier het toekomstige koersverloop te voorspellen. Daarbij heeft de technisch analist drie uitgangspunten: koersen bewegen in trends, in koersen zit alle historie verdisconteerd en de historie herhaalt zich.

Arnold Tankuş
Download PDF
© 2008 Het Financieele Dagblad

1 opmerking:

Willem D. Okkerse MBA zei

Zo belegt onze gemeenschappelijke vriend Cees Smit al sinds 1.1.2003 met het OK-Score model.

De resultaten daarvan zijn :
YTD
OK-Score portfolio -13,67%
Warren Buffet - 17,40%
AEX -24,53%

and since
Jan. 1. 2003 till now
OK-Score portfolio 95,67%
Warren Buffet 54,40%
AEX 37,4%

zie ook www.ok-ratinginstitute.eu