dinsdag 6 november 2007

Kredietcrisis raakt nu ook markt Azië

Vooral banken en verzekeraars onderuit na miljarden aan afschrijvingen bij Merrill Lynch en Citigroup

Amsterdam
De Aziatische beurzen leken tijdens de kredietcrisis in juli en augustus gevrijwaard van alle ellende. Nu de tweede golf zich aandient, dalen ook deze markten mee. Met name banken en verzekeraars liggen onder vuur nadat grote banken als Merrill Lynch en Citigroup vorige week bekendmaakten miljarden dollars af te schrijven op investeringen van riskante hypotheekobligaties.

'Azië daalt mee op het wereldwijde sentiment waarbij de bereidheid om risico te nemen minder groot is', zegt Maarten-Jan Bakkum, strateeg opkomende markten van ABN Amro.

In Japan sloot de Nikkei met een verlies van 1,5% op het laagste punt in zeven weken. De grootste bank van Japan, Mitsubishi UFJ, leverde 3,3% in. Vrijdag daalde het aandeel al met 7,6%. De All Ordinaries in Sydney verloor 1,6%. Daar leverde Commonwealth Bank, de grootste kredietverstrekker van Australië, 1,8% in. 'Tot nu zijn er in Azië geen banken omgevallen door toedoen van de kredietcrisis. Toch maakt de markt zich zorgen dat dit zou kunnen gebeuren', aldus Bakkum.

De strateeg blijft op de middellange termijn positief over de Aziatische aandelenmarkten. 'Op de korte termijn zou ik nu niet heel hoog inzetten. Sommige beurzen zijn erg hard omhooggegaan, waardoor de waarderingen soms te hard zijn opgelopen. Maar beleggen in Azië en alles wat is gekoppeld aan China, blijft mijns inziens interessanter dan bijvoorbeeld de VS of Europa.'

Macro-econoom Reginald Melchers van Van Lanschot is iets voorzichtiger over de Aziatische markten en ziet drie redenen waardoor de beurzen in het Verre Oosten op dit moment 'zeer kwetsbaar' zijn. 'Omdat de economie van de VS een tandje langzamer zal groeien en de Amerikaanse consument minder zal besteden, wordt de handel met de VS voor Azië minder.'

Daarnaast wijst Melchers op een oplopende rente in landen als India en China. Tot slot noemt de macro-econoom de scherp opgelopen koersen van veel Aziatische beurzen waardoor de koers-winstverhoudingen volgens Melchers 'te hoog' zijn. 'Op de lange termijn ben ik positief, maar het zou zomaar kunnen gebeuren dat de beurzen in Azië 10% tot 20% dalen.'

De hardste klappen vielen gisteren in Hongkong, waar de hoofdgraadmeter, de Hang Seng-index, 5% inleverde. Het was de sterkste daling in een dag sinds september 2001. Naast zorgen om de kredietcrisis waren beleggers teleurgesteld dat de Chinese premier Wen Jiabao aangaf dat het waarschijnlijk langer gaat duren voordat Chinezen mogen beleggen op de beurs in Hongkong.

Bakkum van ABN Amro verwacht dat het nog 'enkele kwartalen' kan duren totdat China de regels voor beleggen in het buitenland stap voor stap zal versoepelen. 'De Chinese overheid heeft een hele goede reden om dit toe te staan: er is veel te veel geld in omloop en dat moet eruit. Door de enorme liquiditeit zijn de lokale markten in China al te hard opgelopen.'

Volgens Bakkum is de Hang Seng de laatste maanden op de verwachting van een enorme toestroom aan geld uit China al sterk gestegen. De daling van gisteren noemt hij 'pure volatiliteit'.

Chinese beleggers hebben al maanden een duidelijke voorkeur voor aandelen. Wegens een snel oplopende inflatie deden particuliere beleggers de afgelopen tien maanden voor 2,3 mrd yuan (euro 213 mln) aan Chinese staatsobligaties van de hand om vervolgens het geld in aandelen te steken. In 2006 werd er voor 1,8 mrd yuan aan staatsobligaties verkocht. Particuliere beleggers in China hadden eind oktober 0,11% van de 3800 mrd yuan aan vrij verhandelbare Chinese staatsobligaties in handen, tegen 0,28% een jaar eerder.

Op het tienjarige Chinese staatspapier krijgt een belegger een rente van 4,52%, terwijl de inflatie in augustus 6,5% bedroeg. Ter vergelijking: de Chinese aandelenbeurs, de CSI 300-index, verdrievoudigde dit jaar. Banken en verzekeraars blijven overigens wel kopers van Chinese staatsobligaties. 'Voor ons als langetermijnbeleggers is het rendement voldoende', aldus Cao Mi, fondsbeheerder van de Chinese levensverzekeraar New China Life Insurance tegenover persbureau Bloomberg.

De enorme beleggingsdrift van de Chinezen werd gisteren onderschreven door de zeer succesvolle beursgang van PetroChina aan de beurs van Sjanghai. Het bedrijf had al noteringen op de beurzen van New York en Hongkong. De waarde van het bedrijf verdrievoudigde in één dag naar een marktkapitalisatie van $ 965,4 mrd. Daarmee is het bedrijf in één klap het duurste bedrijf ter wereld geworden.

Arnold Tankuş
Download PDF
Copyright (c) 2007 Het Financieele Dagblad

Geen opmerkingen: